Vanaf het eerste fluitsignaal was Spanje de bovenliggende ploeg. Met een hoog baltempo, technisch verzorgd combinatievoetbal en constante druk werd Argentinië ver teruggedrongen. De Argentijnen zochten vooral de fysieke strijd en probeerden het ritme van Spanje uit de wedstrijd te halen, maar die aanpak kon het dominante spel van de wereldkampioen niet breken.
Spanje is wereldkampioen na een finale waarin het 120 minuten lang de baas was. Argentinië probeerde met fysieke kracht, harde duels en voortdurende onderbrekingen het Spaanse spel te ontregelen, maar kreeg geen moment echte controle over de wedstrijd. De beslissing viel uiteindelijk in de 106e minuut, toen Barcelona-spits Ferran Torres de Spanjaarden op voorsprong schoot. Het bleek de winnende treffer.
Toch bleef de bevrijdende treffer lang uit. Spanje wist pas in de verlenging te scoren. In de 106e minuut viel de beslissing toen Ferran Torres toesloeg en de bal achter de Argentijnse doelman werkte. Het was de beloning voor een wedstrijd die eigenlijk al lange tijd volledig in Spaanse handen was.
Argentinië probeerde na de achterstand nog met extra strijd en opportunisme iets af te dwingen, maar Spanje bleef ook in de slotfase onaantastbaar. De ploeg gaf geen ruimte weg en speelde de finale professioneel uit.