Van Dijk begint stevig: “De cijfers zijn reden tot zorg richting de toekomst. Het begon allemaal nochtans rooskleurig met het ‘overzomeren’ van AZ en FC Utrecht. Voor het eerst sinds het seizoen 2008/09 had Nederland liefst zes clubs in de Europese hoofdtoernooien.”
Door de uitschakeling van AZ zijn alle Nederlandse teams uitgespeeld in Europa. Dit is niet positief voor de coëfficiëntenranglijst. Nederland zakt steeds verder weg. Journalist Tim van Dijk schreef er een stuk over voor de website van ESPN.
Feyenoord was tijdens de zomermaanden de enige dissonant door in de derde voorronde van de Champions League het hoofd te buigen voor Fenerbahçe en zo genoegen te moeten nemen met een plek in de Europa League.
Maar daarna, in de hoofdtoernooien, ging het voor veel teams mis. Er werden 30 van de 46 wedstrijden verloren. Nederland sluit het seizoen af met een score van 9.979 coëfficiëntenpunten. Liefst dertien landen presteerden dit seizoen beter, waaronder Polen, Griekenland, Cyprus en Tsjechië.
De score van 9.979 punten betekent de laagste sinds 2019/20, toen er 9.200 punten voor de coëfficiëntenranglijst werden verzameld. Ter vergelijk, de beste score was in 2021-2022. Dit had met name met Feyenoord te maken die de finale haalde van de Conference League. Alleen Engeland deed het beter met 21.000 punten dan Nederland met 19.200 punten.
Nederland is de zesde plek al enige tijd kwijt aan Portugal. Tijdens de league phases verdween de ruime voorsprong. Mede door een berg bonuspunten hebben de Portugezen een kloof van bijna vijf punten opgebouwd, terwijl FC Braga nog actief is in de Europa League.
Vervolg
Na dit seizoen verdwijnen de punten uit het succesvolle jaar 2021-2022 van de ranglijst. Daarmee verdampt de Nederlandse voorsprong ten opzichte van België. Onze zuiderburen leveren een relatief laag puntenaantal (6.600) en zijn ons virtueel al voorbij. Het virtuele verschil is zelfs bijna zes punten. Volgend jaar zal er gepresteerd moeten worden in Europa.