Het eerste punt is de tijd. Doordat Feyenoord uit de beker ligt en uit Europa ligt, is het aantal wedstrijden enorm verminderd. Feyenoord heeft nog maar 13 wedstrijden staan en dan is het seizoen al voorbij. Hierdoor hebben de spelers meer tijd om te herstellen en is misschien wel het gepuzzel met de opstelling voorbij.
Morgen speelt een dolend Feyenoord tegen een net zo zoeken FC Utrecht. Gister op de persconferentie probeerde trainer Robin van Persie toch nog vertrouwen uit te stralen. Journalist Mikos Gouka beschrijft in het Algemeen Dagblad van zaterdagochtend waar dat vertrouwen op gestoeld zou kunnen zijn.
Het programma zou ook in het voordeel van Feyenoord kunnen werken. Gouka schrijft: “Op basis van de huidige ranglijst heeft Feyenoord op papier van alle clubs in de Eredivisie de makkelijkste weg naar de finish, zo berekende een databureau deze week.” Daarnaast heeft concurrent Ajax dan weer het zwaarste programma voor de boeg.
Utrecht de redder
De wedstrijd tegen FC Utrecht moet de reddingsboei worden. De vorige confrontatie tussen beide teams, liet Feyenoord nog heel goed spel zien. De eerste helft in De Kuip was bijzonder: Feyenoord noteerde toen een xG (Expected Goals) van 1.79, terwijl de bezoekers nauwelijks tot 0,11 kwamen. Dat het in de tweede helft totaal niet lukte, dat vergeten we dan maar even voor het gemak.
Gouka beschrijft dat er misschien wel een echte leider gaat opstaan nu. Waar Van Persie spreekt over Jeremiah St. Juste of Mats Deijl, denkt Gouka dat Jakub Moder misschien wel gaat opstaan: “De Pool, gepokt en gemazeld in de Premier League en op eindtoernooien met het nationale elftal van Polen, moet de kar gaan trekken.”
Hoop
Hoop is geen beleid, maar Feyenoord hoopt ook dat er een aantal spelers op gaat staan. Ontwaakt Ayase Ueda uit zijn winterslaap? Gaan internationals zoals Inbeom Hwang, Jordan Bos en Leo Sauer laten zien dat zij op het podium van het Wereldkampioenschap kunnen schitteren? Dan is er de hoop dat deze spelers nu al beginnen met het goede spel. Zoals Gouka enigszins cynisch noteert: “Hoop doet leven.”