In De Telegraaf wordt vrijdag uitgebreid stilgestaan bij de fysieke ontwikkeling van Feyenoord. Onder Robin van Persie kampte de club met een lange reeks blessures, terwijl ook diens voorganger Brian Priske regelmatig spelers moest missen. Van Bronckhorst treft inmiddels een heel andere situatie aan.
Feyenoord lijkt definitief afgerekend te hebben met de fysieke problemen die de club de afgelopen twee seizoenen achtervolgden. De ploeg van Giovanni van Bronckhorst oogt fris, houdt het tempo hoog en beschikt over een vrijwel fitte selectie. Toch wacht de echte stresstest nog, want de Rotterdammers staan aan het begin van een bijzonder drukke periode.
Nieuwe methode met voorzichtig resultaat
De huidige trainer liet de trainingsmethoden en medische begeleiding onder de loep nemen. Ook de voorbereiding werd aangepast. Daarbij maakte de technische staf onder meer gebruik van analyses van de voorgaande seizoenen om te onderzoeken waar het misging.
De resultaten zijn inmiddels zichtbaar op het veld. Tegen Como bleef Feyenoord tot diep in de wedstrijd energiek. Gjivai Zechiël maakte daarbij opnieuw indruk met zijn loopvermogen. Van Bronckhorst grapte na afloop dat zijn middenvelder mogelijk augurkensap had gedronken, verwijzend naar diens onvermoeibare optreden.
Blessurevrij is een utopie
Helemaal blessurevrij bleef Feyenoord tegen Como overigens niet. Luciano Valente moest in de rust achterblijven vanwege een stijve spier. Volgens Van Bronckhorst wilde de club geen onnodig risico nemen. Jeremiah St. Juste moest ook de strijd voortijdig staken.
De komende weken worden een belangrijke graadmeter. Feyenoord speelt achtereenvolgens tegen Telstar, Real Betis, PSV, Fortuna Sittard, Internazionale en SC Heerenveen, met daarnaast nog een tweede ontmoeting met Fortuna Sittard. Daarmee volgen zeven wedstrijden in 23 dagen.
De Rotterdammers moeten dus niet alleen bewijzen dat ze met de sterkste elf overeind blijven, maar ook dat de rest van de selectie de belasting aankan. Vooral tegen PSV en Internazionale zal veel van de spelers worden gevraagd. De komende weken zal blijken of de nieuwe aanpak ook standhoudt wanneer rust en herstel schaars worden.