Of de Duitser ook echt de eerste doelman wordt moet nog blijken, maar ook het feit dat hij voor nu nummer één heeft gekregen wijst daar wel op. Wel kunnen er nog wijzigingen komen in de rugnummers.
De transfer van Tjark Ernst is donderdag officieel afgerond en Feyenoord maakte het nieuws bekend op de officiële kanalen. De 23-jarige Duitser tekende een contract tot medio 2030 en moet in Rotterdam uitgroeien tot de nieuwe eerste doelman. Daarmee kiest Feyenoord opnieuw nadrukkelijk voor een jonge speler met veel ontwikkelingspotentie.
Ernst is met 23-jaar nog een relatief jonge doelman. Keepers bereiken hun top vaak pas rond hun dertigste, maar Feyenoord ziet in de Duitser nu al iemand die klaar is voor de volgende stap. De club volgt daarmee dezelfde lijn die de afgelopen transferperiodes vaker zichtbaar werd: investeren in spelers die sportief direct kunnen bijdragen én op termijn waarde kunnen vertegenwoordigen.
Ondanks zijn leeftijd heeft Ernst al bijna negentig wedstrijden in de 2. Bundesliga achter zijn naam heeft staan. Wel is het niveau in de Eredivisie en de Champions League een stuk hoger, en ook het spelen in De Kuip zal weer een andere dimentie toevoegen.
Nieuwe fase onder de lat
De komst van Ernst lijkt bovendien het startsein voor een nieuwe keeperssituatie. Timon Wellenreuther wordt al langer in verband gebracht met een vertrek naar Duitsland. Mocht dat daadwerkelijk gebeuren, dan krijgt Ernst direct de verantwoordelijkheid onder de lat bij Feyenoord.
Voor Giovanni van Bronckhorst betekent dat een belangrijke bouwsteen richting het nieuwe seizoen. De trainer beschikt daarmee over een keeper die niet alleen reflexen heeft, maar ook comfortabel is in de opbouw en past bij het spel dat Feyenoord wil spelen.
Ernst kan goede cijfers overleggen
Ook ESPN dook in de prestaties van Ernst en kwam daarbij uit op opvallende cijfers. De Duitse doelman onderscheidde zich afgelopen seizoen bij Hertha BSC vooral met zijn reddingen, wat duidelijk terug te zien is in de Expected Goals Against-statistiek. Volgens het xG-model had Hertha 52,7 tegendoelpunten moeten incasseren, terwijl de ploeg uiteindelijk bleef steken op 42. Dat betekent dat Ernst over het hele seizoen gerekend 10,7 doelpunten meer voorkwam dan op basis van de kwaliteit van de kansen verwacht mocht worden.