Afgelopen zomer werd er nog berekend dat de Eredivisie met zes ploegen in Europa 95% kans had om de zesde plaats op de ranglijst te behouden. Er was een grote voorsprong op Portugal, maar een rampzalig Europees seizoen heeft die voorsprong weggenomen.
Nederland verliest minimaal een plek op de coëfficiëntenranglijst en dat betekent dat het een Champions League plek moet gaan inleveren vanaf het seizoen 2027-2028. Dat is hard aangekomen in Zeist bij de KNVB. Directeur van de Eredivisie CV Jan de Jong spreekt van een drama in het Algemeen Dagblad.
Het wegvallen van een Europese plek betekent niet alleen dat de nummer twee niet meer de Champions League ingaat, maar ook een grote financiële tegenvaller. De Jong is daarover duidelijk. “Het betekent dat we vanaf volgend jaar 70 à 80 miljoen euro mislopen’’, zegt De Jong die weet dat het tot in de Keuken Kampioen Divisie doorwerkt door middel van de solidariteitsbijdrage die Europees spelende clubs leveren.
Het kan voor KKD clubs gemiddeld anderhalve ton per jaar verschillen en niet Europees spelende Eredivisieclubs kregen ongeveer negen ton per jaar door de goede Europese prestaties van de afgelopen jaren, maar dat zal na verwachting ook met enkele tonnen afnemen. “Dat verlies maak je als club niet zomaar goed”, is De jong duidelijk.
Onbegrip voor B-ploegen
Niet Europees spelende clubs hebben soms met afgrijzen gekeken naar het niet opstellen van de sterkst mogelijke elftallen in Europa. Kleinere clubs hebben door de veranderingen bij de KNVB in de hoop op Europees succes concessies moeten doen. Zo werden niet Europees spelende clubs soms op vrijdagavond of juist op zondagavond ingedeeld tegen een Europees spelende club, met alle gevolgen van dien, voor zowel de clubs als supporters.
Dat clubs zoals Feyenoord dan tegen bij voorbeeld SC Braga een B-ploeg opstelt viel soms niet goed. “Dat sommigen in Europa niet met hun sterkst denkbare team speelden, zelfs niet tegen directe concurrenten, heeft tot veel onbegrip geleid.”